Een grote Iraanse vlag wappert fier voor de woning en salon van de Iraans Waalwijkse Aghdas Mehdinejad-Fardnir. Ze is één van de vele Iraanse stemmen die wereldwijd klinken voor vrijheid van het Iraanse volk. “Niemand wil oorlog, maar wel een leven in vrijheid.”

Door Marjolijn van Spaandonk

Angst en hoop

“In Nederland en de rest van de wereld zijn wij hun stem”, stelt Aghdas (63) die doelt op alle gevluchte Iraniërs. “Wij laten ons horen, al sinds wij hier zijn, met demonstraties.” Op 28 december 2025 vullen straten in Iran, met name in Teheran, zich met duizenden burgers voor een vreedzaam protest tegen de economische crises en het regime van ayatollah Ali Khamenei. De protesten worden snoeihard en met bruut geweld neergeslagen. “Die eerste nacht zijn er 40.000 mensen gedood en in totaal 100.000 in vier dagen”, verzucht Aghdas. “We zijn blij en erg trots op al die mensen, want er is zoveel ellende, en tegelijk huilt ons hart voor alle doden.” De man van Aghdas zus is tijdens de protesten beschoten, een zwager van haar zus verloor zijn ogen en gehoor, zijn zoon raakte gewond door kogels, een kleinkind van een tante belandde in de gevangenis waar hij is gemarteld en een 28-jarig familielid is opgehangen. “Als het regime al zoveel ellende in één gezin aan kan richten, wat zegt dat dan over alle ander 90 miljoen inwoners van Iran.” Op de dag dat de top van het regime door Amerika en Israël is uitgeschakeld, wordt dit met grote blijdschap gevierd met bloemen en gebak. President Trump komt eindelijk zijn belofte na. Maar ‘we’ zijn er nog niet. Aghdas zit, net als alle Iraniërs in Nederland, aan de telefoon gekluisterd voor het laatste nieuws en contact met familie. Het geeft veel stress en angst, maar vooral ook hoop. “Niemand wil oorlog. Maar wij zien dit niet als een oorlog, maar als een bevrijding.”

Vrij leven

Aghdas groeide op in een pro-westers en modern Iran onder leiding van koning sjah Mohammad Reza Pahlavi. “We leefden in vrijheid in een mooi en kleurrijk Iran”, vertelt Aghdas met weemoed. “We gingen naar de moskee maar ook naar de discotheek en feesten, vrouwen mochten stemmen, konden piloot of rechter worden en hadden een keus in het dragen van een hoofddoek en korte rokjes.” Eind 1978, Aghdas is dan 16 jaar oud, breekt onder leiding van ayatollah Khomeini de revolutie uit en verandert Iran in een gesloten, theocratische Islamitische Republiek. “Ineens werd alles zwart-wit en waren alle vrijheden weg. Mijn land ging van mooi gekleurd en liefdevol naar hatelijk en terroristisch met vreselijk strenge regels en een gewelddadige onderdrukking met onder andere een zedenpolitie die grof geweld gebruikt tegen vrouwen.” Dat laatste kreeg internationale aandacht na het overlijden in september 2022 van Jina Mahsa Amini (22) na haar arrestatie omdat ze haar hoofddoek niet correct (genoeg) droeg. “Toch wilden mensen ons maar niet horen, ondanks al het bloed dat werd vergoten. Nu de olieprijzen stijgen, is er wel wereldwijde aandacht voor de situatie. Kennelijk heeft bloed minder geur dan olie.”

Gevlucht

Een jaar later, in 1980, trouwt Aghdas met haar huidige man. “Al voor de revolutie was hij gespecialiseerd duiker bij de marine. In onze verlovingstijd brak de oorlog met Irak uit waardoor hij steeds vier weken weg was en één week thuis. In de acht jaar durende oorlog heb ik de kinderen vrijwel alleen grootgebracht.” Het regime trok een wissel op haar man en dat bracht hem in problemen. Met hulp van familie vlucht de familie, lopend en met de auto via Koerdistan in Turkije, om vanuit daar via mensensmokkelaars in 1994 in Nederland te eindigen. In Waalwijk bouwen ze, samen met hun twee kinderen van 10 en 9 jaar oud, een nieuw leven op; ze verwelkomen nog een zoon, Aghdas behaalt vele diploma’s en certificaten om haar beroep als kapster en schoonheidsspecialiste in Nederland weer op te pakken met een eigen salon aan huis. “Maar ik voel mij niet vrij want mijn familie en alle Iraniërs zijn nog steeds gijzelaars van het regime.”

Hoopvolle toekomst

“De hoop van alle Iraniërs is een nieuwe opstand en dat de koning terugkomt”, zegt Aghdas, “Dan wordt het rustig in het Midden-Oosten en is het makkelijker leven met een democratie.” Voor het zover is, zal de Revolutionaire Garde ontmanteld moeten worden, die onder de geestelijk leider valt. Sinds maart is dat Mojtaba Khamenei, de zoon van ayatollah Ali Khamenei, maar over zijn gezondheidstoestand wordt gespeculeerd. “De Iraniërs wachten, net als in december 2025, op een oproep van onze koning om opnieuw de straten op te gaan”, zegt Aghdas overtuigd. “Eerst moeten de bombardementen de terroristen uitschakelen, zegt onze koning. Daarna komen alle Iraniërs weer de straat op om hun land terug te eisen. Als het zover is, zijn alle Iraniërs wereldwijd, bereid om te helpen.” Of Aghdas zelf terugkeert? “Hopelijk kan ik mijn familie bezoeken. Maar mijn leven is nu hier en ik laat niet nog een keer alles achter, al is mijn hart in Iran.” Op 20 maart om 18.15 is het Iraans Nieuwjaar, met de hoop van Iraniërs dat het nieuwe vrije leven dan begint. “De Iraniërs verdienen dit regime niet. Wij blijven zeggen: Javid Shah Koning Reza Pahlavi, lang leve onze koning!”