In het rijtje van artiesten waarover ik de afgelopen vier jaar heb geschreven, ontbreekt een aantal wereldsterren. Raar? Nee hoor, helemaal niet. Ik krijg namelijk altijd de kriebels als mensen mij als tip mee geven: 'Daor moete ’s oover schraive.' Ik moet namelijk niets; iets wat in mijn Donks-genen zit, naar het schijnt. Maar dat neemt niet weg dat zulke artiesten geen stukje verdienen; mijn muzieksmaak is immers vrij breed te noemen.
In de aanloop naar een avondje Bruce Springsteen-muziek aanstaande zaterdag bij BolderLive in Den Bolder, leek mij de tijd meer dan rijp om eens wat mooie woorden aan ‘de baas’ te wijden. Bruce Springsteen kan natuurlijk niet met pensioen gaan voordat de ‘muziekliefhebber uit Waspik’ een ‘stukske’ over hem geschreven heeft. Natuurlijk is over zo’n muzikaal icoon alles al gezegd en geschreven, dus dat gaan we maar niet herhalen. Laat ik het houden bij mijn eigen herinneringen en verhalen over de man met de opvallende naam.
'I come from down in the valley where, mister, when you're young. They bring you up to do like your daddy done. Me and Mary we met in high school when she was just seventeen. We drive out of this valley down to where the fields were green. We'd go down to the river and into the river we'd dive. Oh, down to the river we'd ride.' (The river)
Want zo leerde ik Springsteen rond 1984 kennen. Dat vergt wat uitleg. Net voor die periode had ik mijn kamer helemaal behangen met posters van Doe Maar. Ik had er aardig wat, dus geen stukje muur bleef gespaard. Doe Maar was mijn ding: ik was fan vanuit elke vezel in mijn lijf. Nog steeds trouwens, al liggen de tientallen posters van toen keurig bij ons pa en ma op zolder; net als de rest van de duizenden Doe Maar-items.
Bruuse
Terug naar Springsteen. Op een van de posters die op mijn kamer hing, stond op de achterkant een foto van een man, gekleed in wit shirt en spijkerbroek met de onnozele naam ‘Bruce Springsteen’ erbij. Let wel: voor ons was het toen geen Engelse naam maar gewoon fonetisch ‘Bruuse Spring Steen’. De beste man zag er niet uit als een rockster en toen Doe Maar uit elkaar ging en ik met mijn emoties geen raad wist, werden zowel Henny, Ernst, Jan en Jan van Doe Maar als Bruuse Spring Steen vakkundig met dartpijlen mishandeld. Achteraf gezien voor mij het treffende bewijs dat het kinderbrein op die leeftijd inderdaad nog niet ontwikkeld is…
Niet veel later hoorde ik op de radio muziek van deze zogenaamde rockster. Nummers als ‘Dancing in the dark’, ‘I’m on fire’ en ‘Born in the USA’ vond ik wel mooi, hoewel ik laatstgenoemd nummer wel erg schreeuwerig gezongen vond. Dat die man ‘schreeuwlelijk’ kon zingen, bewees hij een jaar later toen hij ook in de sterrenparade USA for Africa zijn keel schraapte in ‘We are the world’. Maar toch… zijn nummers hadden wel wat, al kon ik er mijn vinger nog niet helemaal op leggen.
'The highway's jammed with broken heroes on a last chance power drive. Everybody's out on the run tonight, but there's no place left to hide. Together, Wendy, we can live with the sadness, I'll love you with all the madness in my soul. Oh, someday, girl, I don't know when we're gonna get to that place. Where we really wanna go and we'll walk in the sun. But 'til then, tramps like us: baby, we were born to run.' (Born to run)
Toen ik weer wat later bij vriend Sjef in de klas kwam op de HAVO en we op de boerderij van zijn ouders allerlei strapatsen uithaalden, kwam ik er achter dat die Bruce toch wel bijzonder moest zijn. Immers: Sjef had een luxe verzamelbox van The Boss en dat terwijl hij helemaal niet zo’n muziekverzamelaar was. Maar ja: Sjef hield ook van Dire Straits, Tori Amos en Suzanne Vega, dus ik werd niet bepaald meegesleurd in zijn muziekwereld. Maar toch…
Een van de mooiste live verzamelalbums van Springsteen: de live verzamelbox.
Moeten
Ik heb Bruce Springsteen nooit de kans gegeven die ik andere artiesten gaf. Want de dwangmatige overtuiging die iedereen heeft dat je Springsteen een keer live gezien moèt hebben, schrikt mij als Donks af. Ik moet niets! Voordat ik alle Bruce-fans en daarmee de halve wereld op mijn nek krijg: ik geloof het meteen hoor dat het iets bijzonders is, zo’n concert van Bruce met zijn E Street Band. Maar ik haal geloof ik meer voldoening uit bijvoorbeeld een intiem concert van Thé Lau voor twintig toeschouwers of een zweterig concert van de Kecks in een café in Chaam.
Dus of ik The Boss ooit live ga zien? Ik weet het niet. Misschien ben ik als ‘muziekliefhebber’ inderdaad niet geloofwaardig als ik er nooit bij ben geweest. Laat ik zaterdag bij Den Bolder eens even gaan voorproeven bij The Boss Brothers, naar het schijnt een erg sterke tributeband. Want eerlijk is eerlijk: die Springsteen heeft wel een groot aantal prachtnummers gemaakt. Als ik ‘Dancing in the dark’ en ‘I’m on fire’ hoor dan dwaal ik in gedachten weer af naar de zomer van 1985: de soundtrack van een jonge tiener die me toch wel een fijn gevoel geeft. Een zelfde gevoel als 10 jaar later met het prachtige ‘Streets of Philadelphia’ en daarna nog een keer met ‘Trapped’, misschien wel z’n mooiste live-uitvoering. Ja, misschien is Bruuse inderdaad wel de baas, in ieder geval komende zaterdag in Waspik.
'Well it seems like I've been playin' the game way too long and it seems the game I played has made you strong. Well when the game is over, I won't walk out a loser and I know that I'll walk out of here again. And I know that someday I'll walk out of here again, but now I'm trapped, oh yeah! Trapped, oh yeah yeah! Trapped, oh yeah! Trapped, oh yeah!' (Trapped)
Marcel Donks, muziekliefhebber uit Waspik
