Zeg je OOG, dan zeg je familie Rombouts. De Waalwijkse toneelclub bestaat deze maand maar liefst 100 jaar en dat wordt uitgebreid gevierd. Met onder meer een expositie en het spektakelstuk Robin Hood in Waelwyck. John Rombouts (59) is al veertig jaar lid van zijn club en haalt herinneringen op.
Door Hetty Dekkers
“Toen ik klein was, zat mijn vader Nico in het bestuur”, vertelt Rombouts. “Het schijnt zelfs dat mijn oma wel eens een rolletje heeft gespeeld bij OOG. Zij was een echte voordrager, op feestjes droeg ze ook altijd stukjes op.” Het toneelvirus zat dus in de genen, bij de familie Rombouts. John weet nog dat hij als jongetje van twaalf een rol mocht spelen in een toneelstuk van Ons Onderling Genoegen, zoals OOG voluit heet. “Ik speelde toen een Spaans straatjochie. Officieel mocht je pas lid worden op je achttiende, dus tot die tijd speelde ik slechts bijrollen.” Later speelde hij diverse hoofdrollen en was ook nog zeventien jaar lang voorzitter van OOG.
De pipo
OOG werd ooit opgericht in het toenmalige café aan de Meerdijk, naast het huidige kapelletje. “Dat zal beslist een katholiek initiatief zijn geweest”, vermoedt Rombouts. “In de jaren vijftig en zestig was het nog best een elitaire club, met veel docenten enzo. Mijn vader had een café, de Kakatoe in de Stationsstraat, en was vooral geïnteresseerd in het toneelspelen. Achter de bar wilde hij ook sfeer maken, ze noemden hem niet voor niets de pipo.” Zijn vader leefde voor OOG. “Als hij zelf verjaarde en er was toevallig repetitie die dag, dan was hij niet op zijn eigen verjaardag aanwezig. De club ging voor.”
Toen John zijn eerste rolletje speelde als Spaans straatjochie, zat OOG nog in de oude Leest. “Onze decorstukken, zoals deur- en raampanelen, stonden in de kelder onder het toneel opgeslagen. Maandag voor de voorstelling trokken we die stukken uit de kelder en timmerde de decorploeg er een mooi geheel van. Volgens een maquette, gemaakt door mijn ome Cor. Zo ging dat toen”, lacht Rombouts. “Nu beginnen we een half jaar van tevoren al te bouwen aan het decor. In die begintijd gebruikten we ook gewoon huisraad van de leden. Ik kan me herinneren dat we een week onze bank moesten missen thuis, die stond op het toneel voor de voorstelling.”
Zaadjes planten
Ook zijn zus Nicole is erg actief voor OOG, net als destijds ome Cor. Maar op zijn eigen kinderen is het toneelvirus niet overgeslagen, geeft John toe. “Zij geven er niets om.” Toch trekt OOG nog steeds nieuwe leden aan, waaronder soms ook jongeren. Voorzitter Frans de Wind (71) licht toe: “We hebben een grote, trouwe kern, zoals Cees IJpelaar die 75 jaar lid is. Veel mensen blijven echt tot aan hun dood bij OOG. Maar we moeten natuurlijk ook de jeugd interesseren en daarom gaan we dit jubileumjaar veel workshops en clinics geven op middelbare en basisscholen. Zaadjes planten, noemen wij dat.”
Hoe het komt dat OOG als enige toneelclub in Waalwijk de honderd jaar aantikt? John Rombouts geeft toe dat dat soms niet vanzelfsprekend was. “Begin jaren zestig, toen de tv in opkomst kwam, klapte het helemaal in. Tot dan toe trok een voorstelling bij de Ko de Nijs gerust 2000 man. Maar toen de tv populair werd, kwam er ineens geen hond meer. Toen zijn ze overgestapt op blijspelen en in de jaren zeventig trok het weer een beetje aan. In de jaren tachtig schoot de kwaliteit van onze stukken omhoog door de komst van John Leddy als regisseur. Willy van Hemert schreef toen het stuk ’Het Leven een Leerschool’, losjes gebaseerd op het boek Rooien Bart. Dat was echt een succes, met tientallen opvoeringen, ook in Den Bosch. Maar dat we als toneelvereniging nog steeds leven, komt ook door de overgang naar de nieuwe Leest. In de jaren negentig gingen veel Waalwijkse toneelclubs ter ziele, omdat ze de kosten van de nieuwe Leest niet konden betalen. Wij hebben toen op tijd veel sponsors benaderd, waardoor we het financieel wél rond konden krijgen. Dat commerciële inzicht is onze redding geweest, en nog steeds. Zonder Vrienden van OOG zou het niet lukken.”
Spektakelstuk
In vroeger tijden speelde OOG gerust twee voorstellingen per jaar. Tegenwoordig is dat teruggebracht tot één. Vanwege het jubileumjaar staat er in november een spektakelstuk op de planning, Robin Hood in Waelwyck. Alle circa 25 spelers krijgen daarin een rol. Maar er gebeurt meer, zoals een expositie over 100 jaar OOG, die eind mei geopend wordt in het Huis van Waalwijk. Oud-journalist Sjaak Koolen schrijft een jubileumboek dat in juni uit komt, er worden dus workshops gegeven op scholen en OOG doet mee aan de Wollukse Kwis met een performance en het Straattheaterfestival, 25 en 26 mei. Je moet eigenlijk wel heel veel moeite doen wil je OOG niet ergens tegenkomen dit jaar.
