Carnaval is weer achter de rug, de aanhoudende hoempa-deun in mijn bovenkamer ebt weg en de verkleedkleren zijn weer veilig opgeborgen op zolder. Het vizier kan op de zomer, hoewel er eerst een druk voorjaar met veel concerten aanbreekt. O ja, en dan gaan we ook nog volop in voorbereiding op de tweede editie van de Waspikse Maestro waarbij ik één van de zes kandidaten ben. Een kijkje in de keuken…

In het begin van dit jaar werden de zes deelnemers aan de Waspikse Maestro bekendgemaakt. Niet lang daarna hadden we samen met de organisatie, de presentator en onze ‘leraar-dirigent’ de eerste twee sessies. Buiten het feit dat we allemaal B.W.-ers (Bekende Waspikkers) schijnen te zijn, hebben we gemeen dat we geen van allen eerder een baton in de hand hebben gehad. Dat was tijdens die eerste twee sessies dan ook goed te zien toen dirigent Ton onze de beginselen van het dirigeren probeerde uit te leggen.

Nu carnaval voorbij is komt de avond des oordeels ook dichterbij. Oftewel: we moeten nu echt aan de bak. Tijdens gesprekken met carnaval met mijn collega Maestro’s werd ik gelukkig bevestigd dat iedereen nog in het beginstadium zit. Het alleen al met je rechterhand de maat aangeven blijkt een enorme klus, laat staan de nuances die we met de linkerhand geacht worden te leggen.

Afgelopen vrijdag had ik mijn één op één sessie met Ton. We namen het nummer door dat de zes Maestro’s allemaal zullen dirigeren en we richtten ons op mijn individueel huzarenstukje. Conclusie: ik moet echt aan de bak! Maar aan de andere kant: wat is het leuk om jezelf zo in de muziek te verliezen. Ik ben groot liefhebber van muziek en, al zeg ik het zelf, aardig bekwaam in het bespelen van luchtdrums en airguitar. Maar dit is andere koek, want, zo fluisteren muzikale vrienden mij al toe, het orkest leunt straks volledig op mij en laat zich ondanks de enorme muzikale bagage volledig leiden door mij. Slik…

Op 12 april sta ik samen met 5 andere BW-ers op de bok voor Poporkest Mixed-Up.

Op 12 april sta ik samen met 5 andere BW-ers op de bok voor Poporkest Mixed-Up.

Oefenen

De komende weken staan voor mij en mijn collega Maestro’s dus in het teken van oefenen, oefenen en nog eens oefenen. Ik betrap mezelf erop dat ik af en toe in de auto met mijn rechterhand aan het dirigeren ben (met verbaasde blikken van mijn tegenliggers tot resultaat). Ik hoop dat ik straks redelijk losjes op de bok kan staan, maar wel vol overgave Poporkest Mixed-Up tot het uiterste kan drijven. Aan de muzikanten zal het zeker niet liggen…

Maestro geeft ook een impuls aan mijn muziekbeleving. Want ik ben op YouTube eens gaan rondstruinen naar dirigenten aan het werk, maar dan wel in het populaire muziekgenre. Begrijp me goed: klassieke muziek door een goed orkest gespeeld kan voor kippenvel zorgen, maar bij de Waspikse Maestro draait het vooral om catchy popnummers. Daarvan zijn bijvoorbeeld bij Night of the Proms en Symphonica in Rosso treffende voorbeelden te vinden. Iets verder terug in de geschiedenis liet het Metropole Orkest onder leiding van Dick Bakker zich vaak van haar beste kant zien in een mix-up met populaire artiesten.

Hoewel ik mooie voorbeelden heb gezien van hoe het ook kan, kom ik iedere keer weer terug op dezelfde beelden, namelijk de registratie van S&M van Metallica samen met ‘The San Francisco Symphony Orchestra’. Ik heb het begin van dat concert, de eerste twee nummers, de afgelopen maanden misschien wel honderd keer bekeken. Wat moet het magisch geweest zijn om daar als toeschouwer bij aanwezig te zijn. Het was best vernieuwend in die tijd (1999) en zeker van Metallica had niemand zo’n uitstapje verwacht. Metallica zelf is op haar best, maar dirigent Michael Kamen ‘maakt’ het concert.

Wat me nu opvalt is dat het orkest voor aanvang van het concert inderdaad gefocust is op de dirigent. Als hij er klaar voor dan is het orkest dat ook. Op zijn aangeven begint de magische avond met ‘The Ecstasy of Gold’ de tune die mijn vrienden van Present Danger ook jarenlang hebben gebruikt voor aanvang van hun concerten. Het begint echter pas echt spannend te worden met ‘The Call of Ktulu’, een prachtnummer van de plaat ‘Ride the Lightning’ uit 1984. Dit is het best denkbare voorbeeld van hoe metalmuziek en een symfonisch orkest elkaar kunnen versterken. Het mooie aan de uitvoering tijdens S&M is dat deze wat langzamer gaat, waardoor er veel meer spanning is dan op het origineel. Die combi van ‘grafgitaren’ met strijkers… Ondanks dat het nummer geen tekst heeft, is het meer dan duidelijk dat het nummer zeer onheilspellend is. En het mooie van de beelden is dat je ziet hoe de rocksterren willekeurig tussen de nette muzikanten staan met de wilde Michael Kamen als verbindende factor.

Magisch

Nog zo’n kippenvel-moment in de show: Kamen ‘tikt af’ naast gitarist Kirk Hammett om vervolgens samen met het orkest een ‘volle versie’ van ‘Nothing else matters’ te dirigeren. Deze versie deed mij besluiten het nummer tijdens onze bruiloft door Thijs van Present Danger akoestisch te laten spelen. Minder bombastisch, maar minstens zo magisch.

'So close, no matter how far, couldn’t be much more from the heart. Forever trusting who we are and nothing else matters. Never opened myself this way, life is ours, we live it our way. All these words, I don't just say and nothing else matters.'

Ik hoop op 12 april tijdens de tweede Waspikse Maestro een beetje van die magie op het podium te krijgen samen met Poporkest Mixed-Up. Zonder teveel weg te geven, kan ik al wel melden dat het nummer dat ik ga dirigeren helemaal aan de andere kant van het muzikale spectrum zit. Ik ben benieuwd wat Zoë (Brouwers), Sacha (Ausems), Cora (Zijlmans), Kel (van Iersel), Bart (Zijlmans) en ikzelf ervan gaan bakken. We gaan het meemaken…

Marcel Donks, muziekliefhebber uit Waspik