Op donderdag 23 oktober organiseert de heemkundevereniging ‘Sprang-Capelle’ haar vierde lezing van dit jaar. De lezing begint om 20.00 uur in de Vrijhoeve-zaal van het Cultureel Centrum Zidewinde, Julianalaan 1 in Sprang-Capelle.
De lezing wordt verzorgd door Sander Wassing.
Sander Wassing is historicus en woont in Utrecht. Hij werkt als archivaris bij DOCFactory. Met een groep mensen ontsluiten zij op projectbasis allerlei archieven. Hij houdt van geschiedenis met een rauw randje. Het onderwerp van deze avond past dan wel.
Eerst even een mogelijk misverstand wegwerken. Het gaat deze avond niet over de Maarten van Rossum van de ‘Slimste mens’ of andere tv-programma’s. Het is ook heel onduidelijk of het een ver familielid is. Sommige mensen vinden de Utrechtse Maarten van Rossum irritant of onuitstaanbaar. Maar in vergelijk met onderstaande Maarten is hij een vriendelijk mens.
Krijgsheer Maarten van Rossum
Dat blijkt wel uit de lijfspreuk van de Gelderse krijgsheer Maarten van Rossum: ‘Blaken en branden is het sieraad van de oorlog’.
Hij leefde van circa 1490-1555. Dus dat is wel even geleden. Die lijfspreuk werd door hem en zijn soldaten omgezet in meedogenloze daden.
Bij het Brabantse platteland denken we vandaag de dag vooral aan idylle, gemeenschapszin en fraaie landschappen. Hoe anders was dat in de zestiende eeuw! Brabant vormde toen regelmatig het toneel van guerrilla-overvallen door Gelderse krijgsbenden. Kerkklokken, boodschappers en rookkolommen aan de horizon waarschuwden dorpsbewoners dat de ‘gelderaers’ in aantocht waren. Van Rossum stond in de zestiende eeuw bekend als de ‘gesel van de boeren’.
Uit kronieken, rekeningen en andere bronnen vangen we soms een glimp op van het persoonlijke leed dat hierdoor veroorzaakt werd. Al in 1478 werd Nuenen geplunderd door Gelderse benden. In 1486 konden de dorpelingen dit afkopen door een grote som brandschatting te betalen. In 1512 sloegen de Geldersen opnieuw toe, zo lezen we in een kroniek: ‘Den 25 september soo bennen de Geldersse tot Lit op den Ham overgecommen, 400 te perd ende 1500 te voet, en hebben gebrant Hintem met 7 wintmolens, Ortten, Schijndel met de kerck, Roij, de Couveringe, Heesse met de kerck, Leent, Wetten, Nuenen, Stiphout, Geldrop met kerck ende ’t huijs’.
Bezocht hij met zijn roversbende ook De Langstraat? De vraag is natuurlijk ook waarom hij op strooptocht ging. En waarom had hij het vooral gemunt op Brabanders? Wie was die Maarten van Rossum eigenlijk? Niet ver van ons vandaan in Zaltbommel is het kasteel van Maarten van Rossum nog altijd te bewonderen.
De lezing is gratis voor de leden van de heemkundevereniging ‘Sprang-Capelle’.
Niet-leden en niet-donateurs betalen € 5,00; graag aan de ingang van de zaal te betalen aan de penningmeester.
