Op zaterdag 21 maart werd onder grote belangstelling van de Waalwijkse Molukse gemeenschap in het stadspark aan de Burgemeester Moonenlaan in Waalwijk, het Moluks Monument onthuld. Het monument is opgericht ter nagedachtenis van de ex-KNIL-militairen en hun partners, die in Waalwijk begraven zijn. Een eerbetoon aan de ouders, grootouders en overgrootouders van de Molukse inwoners van Waalwijk.
Door Madeleine Vrienten
De datum van de onthulling, 21 maart 2026, is bewust gekozen. Op 21 maart 1951, precies 75 jaar geleden, zette de eerste groep Molukkers voet aan wal in Nederland. Het monument is ontworpen door André Pulles en is tot stand gekomen op initiatief van de Stichting 50 jaar Molukkers in Waalwijk. Deze organisatie behartigt de belangen van de Molukse gemeenschap en weet hun geschiedenis en cultuur levend te houden.
Niet gerealiseerde verwachtingen
Dade Tehepelasury, bestuurslid van de Stichting Molukkers in Waalwijk, loopt in zijn toespraak door de geschiedenis van de 75 voorbije jaren van de Molukse gemeenschap in Nederland heen. De ex-KNIL-militairen (Koninklijk Nederlands-Indisch Leger) en hun gezinnen kwamen hierheen met de belofte dat het tijdelijk zou zijn en leefden onder moeilijke omstandigheden. De Nederlandse staat beloofde hen de terugkeer naar een vrij en onafhankelijk vaderland. Deze belofte werd nooit ingelost. De Molukse gemeenschap leefde geïsoleerd in kampen en hun militaire status werd niet erkend.
De eerste generatie ging zwaar gebukt onder de gebroken belofte, het gebrek aan integratiebeleid en toekomstperspectief. Dit heeft zijn sporen nagelaten in de gehele Molukse gemeenschap. Met name de tweede generatie Molukkers groeide op met de pijn van hun ouders en de ervaring dat de Nederlandse staat hen de rug toekeerde. Met verschillende uitingen van prostest in de jaren ’70 van de vorige eeuw, werd dit geprojecteerd op de samenleving. Een schreeuw om gezien te worden, erkenning te krijgen voor het leed.
Geen warm welkom
Ook burgemeester Sacha Ausems benoemt in haar woordje het gebrek aan een warm welkom destijds, voor de Waalwijkse Molukse gemeenschap. De mensen wisten niet wat hen te wachten stond en kwamen in veel gevallen op onvrijwillige basis naar Nederland. De eerste generatie zette op 21 maart 1951, dun gekleed, veelal op slippers of sandalen, voet op Nederlandse bodem. Een kil ontvangst, ook letterlijk, met regen en natte sneeuw.
Na het verblijf in de kampen werden de gezinnen ondergebracht in meerdere woonwijken in Waalwijk. De eerste generatie heeft steeds in tweestrijd geleefd. Enerzijds was er de noodzaak om hun plek in te nemen hier in Nederland, anderzijds was er de niet aflatende heimwee en het verlangen naar het thuisland waar ze hun familie achterlieten.
Strijd, veerkracht en reflectie
De bijna 13.000 Molukkers die naar Nederland kwamen hebben lang moeten wachten op erkenning en waardering. Dat er zovelen aanwezig zijn in Waalwijk op deze dag, zegt iets over hoe sterk de verbinding wordt gevoeld, ook met de Waalwijkse gemeenschap, aldus de burgemeester.
Ze onderstreept het belang van dit monument als blijk van blijvende herinnering, eer en erkenning. Een zichtbare plek in het stadspark van Waalwijk. Waarmee de verhalen van dit keerpunt uit de geschiedenis van de Molukse gemeenschap kunnen worden doorgegeven aan volgende generaties.
Namens de gemeente Waalwijk spreekt zij haar waardering uit voor alles wat de Molukse gemeenschap voor Waalwijk betekent.
Samen met wethouder Timon Klerx en André Pulles, verricht de burgemeester vervolgens de onthulling van het monument. Het kunstwerk bestaat uit verschillende delen die samen een Salawaku verbeelden: een traditioneel schild uit de Molukse cultuur. Zo symboliseert het goudbruin gekleurde cortenstaal het verleden en staat het deel van rvs hoogglans voor het heden. Beide delen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden door messing ringen, met daarin gegraveerd de Maleise tekst ‘Djangan Lupa’. Vrij vertaald: ‘Zij worden niet vergeten’.
Het monument verbindt verleden, heden en toekomst, en getuigt van strijd, veerkracht en reflectie. Want ondanks tegenslag heeft de Molukse gemeenschap uiteindelijk haar plek in Waalwijk kunnen vinden. Na dit officiële moment volgt een kranslegging namens de gemeente Waalwijk en het bestuur van de Stichting Molukkers in Waalwijk.
Trots
De Molukse gemeenschap is uiteindelijk permanent in Nederland blijven wonen en telt inmiddels de vierde generatie. Tijdens deze gedenkwaardige ceremonie was ook de jonge Molukse generatie goed vertegenwoordigd en leverde een bijdrage. De muzikale omlijsting van het geheel werd verzorgd door Djamila Santi (zang) en Raymond Yap (gitaar). Met verschillende toespraken, een gedicht, een dans en het voorlezen van de namen van de ex-KNIL-militairen en hun partners, werden hun voorouders geroemd en werd het verleden blootgelegd door de Molukse jeugd.
De nazaten dragen de teleurstelling en pijn van hun voorouders uit het verleden met zich mee, al kunnen zij in tegenstelling tot de eerste generatie, vaak wat makkelijker omgaan met die gevoelens. Wat bij de jonge generatie overheerst is een gevoel van trots. Trots op hun afkomst. Trots op hun voorouders, die ondanks de geschiedenis overeind wisten te blijven. Trots op hun eigen identiteit, om deel uit te maken van de Molukse gemeenschap.
En trots op de wijze waarop zij in staat zijn om nu hun plek in te nemen en hun ruimte te pakken.
