“Hé pap, heb je het ook gehoord? Boer Harms is dood hè?” Met die woorden verraste mijn middelste dochter mij net voor Kerst. Hoezo kent zij boer Harms? Het bleek een pijnlijk misverstand te zijn, zo bleek al snel toen het niet ging om de zanger van ‘Brommers kieken’ maar om de zanger van de Dutch Boys, de Drenthse band die in 1982 een knijter van een carnavalshit scoorde met ‘Boer Harms’.
Leuk weetje: de Dutch Boys begonnen als stoere dialectgroep The Thunderballs en kwamen in 1980 voor het eerst ook buiten de provincie in de schijnwerpers met het aanstekelijke ‘Eppo’. Heerlijk nummer dat tijdens carnaval voor een heerlijke polonaise zorgt. Het nummer heeft trouwens een nauwe verwantschap met Miggy’s ‘Annie (hou jij mijn tassie effe vast)’, alleen gaat het nu over Eppo die de klompen vast moet houden. Waarom moeilijk doen als het makkelijk kan?
'Eppo, hou jij mien klompen eben vast, want dat meitie wil met mie dansen. Eppo, hou jij mien klompen eben vast, want dat meitie wil even sjansen.'
Het is zomaar een pareltje uit het rijke archief van carnavalssingles uit de jaren zeventig en tachtig die op menig zolder liggen te verstoffen. Want die singles gingen met name in de jaren tachtig als warme worstenbroodjes over de toonbank. Een aantal nummers ‘vervuilde’ de TOP40 met top 10 hits en niemand nam het genre serieus. Maar ik denk dat je er van schrikt hoeveel mensen ergens op zolder of in de kast een ‘Daverende dertien’ elpee hebben liggen.
Schatkist
Het mooie van die verzamelelpees is dat er naast de ‘Willempies’ ‘Bloemetjesgordijnen’ en ‘Polonaises Hollandaise’ vaak wat onbekendere parels op te vinden zijn. In de aanloop naar carnaval daarom een drieluik met deze vergeten of zelfs nooit ontdekte liedjes. De schatkist gaat open en geeft eenmalig haar schatten prijs.
Te beginnen met ‘Kokosnoot, frikandel’. Gaat er al een lampje branden? Het nummer stamt uit 1979 en komt uit de koker van de Roosendaalse formatie Rossa Nova, voor deze gelegenheid tekstueel geholpen door Tol Hansse (die kennen we dan weer van Big City). Het nummer geeft een dikke knipoog naar het Braziliaanse zomercarnaval, zo laat de groep ook op het hoesje zien. Maar met deze tekst erbij mag het nummer zich zonder enige moeite scharen in het rijtje van carnavalskrakers. In dezelfde lijn bracht Rossa Nova nog aanstekelijke liedjes uit als ‘Ga je mee naar Rio’, ‘Margarita’ en natuurlijk ‘Brigitte Bardot’. Met grote regelmaat waren de schaars geklede danseressen en de bebaarde zanger Will Rommens te gast bij Op Volle Toeren waar ze de handjes met het grootste gemak op elkaar kregen.
'Kokosnoot, frikandel, het leven is een spel. Dolle pret of in de knel, kokosnoot, frikandel. Kokosnoot, frikandel, het leven is een spel. Dolle pret of in de knel, kokosnoot, frikandel. Nederlanders in de koude, die van lekkere warmte houden en een feestje willen bouwen met een handje mooie vrouwen. Laat je heupen dan maar zwaaien en je achterste eens draaien. We gaan nog lang niet naar de haaien in ons koude kikkerland.' (Kokosnoot, frikandel - Rossa Nova)
Barry Hughes
In de schatkist vol carnavalskrakers zitten meerdere diamanten van Barry Hughes. Prachtige kerel die erin slaagde zijn carrière als voetbaltrainer moeiteloos te combineren met het zingen van al dan niet serieuze liedjes. Vooral zijn niet serieuze liedjes zijn briljant, waarvan ‘Ik wil op m'n kop een kamerbreed tapijt’ natuurlijk veruit het bekendste is. Maar hij maakte meer evergreens. Wat te denken van ‘Ik breng geen bloemen voor je mee’, ‘Dat had je nou niet moeten doen’, ‘Kikkerlied’ en vooral ook ‘You keep it not for possiebol’. Maar ik breek nu een lans voor ‘t Is om te brullen’ waarin Barry heerlijk de spot drijft met zichzelf.
'Een week of wat geleden belde mij opeens een man. Hij vroeg me 'Kan je komen want ik heb een reuze plan. Ik heb hier iets voor jou je zal niet weten wat je ziet.' Ik ben geweest en heel tevree zing ik het hoogste lied. Iedereen die vindt het knal, geef mij daarom de yell. 't Is om te brullen, 'k heb nou een hele kop met krullen. Hier in de buurt zeggen de meiden: ‘t Is niet van echt te onderscheiden. 't Is om te brullen, ‘k heb nou een hele kop met krullen. 'z Zit beregoed ik voel me rijk als ik zo door die krullen strijk.' (’t Is om te brullen - Barry Hughes)
Bert van Aalten alias De Aal voorafgaand aan een optreden begin jaren tachtig.
En dan een buitenbeentje: De Aal. Natuurlijk onsterfelijk geworden door het briljante ‘Een barg die he un krul in de steert’: één van de oernummers die mijn carnavalsgevoel echt weergeven ("kgr ah pfrt ah kgg ah kgr ah"). Maar de zingende tandarts en zijn kornuiten maakten nog een paar geweldig carnavalsnummers, waaronder ‘Ik heb een kater in m’n kop’ en natuurlijk ‘Sjanson De Confiture’. Weet jij waar het over gaat? Wat een flauwekul zeg en daarmee precies de essentie van carnaval: niet alleen bier en vrouwen, maar pendule, ‘flacon de parfum’ en retteketette: heerlijk…
'Je chante la chanson de confiture, je tombe aussi toujours dans l’amour. J'ai la caractere van een pendule, mais quoi interesseert niemand een moer. Je mange ris de veau avec une chaise qui est toujours a mon chapeau. Le jour de gloire est arrivee au mon recette, la bicyclette sur un petite canape. Le jeu de boules, pernod gaat ver boven m'n pette le retteketette et deux chevaux. Ze bakken ze bruin (ahaahi). Flacon de parfum laat ze maar knett'ren door dik en dun. Le jour de gloire est arrivee au mon recette, le retteketette et deux chevaux.' (Sjanson De Confiture - De Aal)
Ik sluit deze week af met, wederom, een ‘carnavalsartiest’ van boven de rivieren: Herman Brood. Herman Brood?? Ja natuurlijk, met zijn Breedbekkikkers wist ook hij tweemaal de kern van carnaval te raken. Dat begon in 1979 toen hij het onnavolgbare ‘Maak van uw scheet een donderslag’ uitbracht: Brood ten top en zonder twijfel niet helemaal clean toen hij het opnam. Twee jaar later flikte hij zelfde kunstje met de single ‘Hou d’r mee op’ die ook Duitstalig bij onze oosterburen werd uitgebracht. Een groot succes werd dat niet…
'1, 2, 3, 4, 5. Ik ben heus niet preuts, nee ik ben heus niet ouderwets. Ik dans nog steeds de rock 'n' roll, en doe nog wel eens gek. Ik heb niks te klagen, zelfs niet over steen en been. Ik zie alleen de zonzij, geen ellende om me heen. Maak van jouw scheet één donderslag, soms weet je niet meer wat je doen of laten mag. Maak van uw scheet één donderslag, maak van jouw scheet één donderslag, paaaaa.' (Maak van uw scheet een donderslag - Breedbekkikkers)
Marcel Donks, muziekliefhebber uit Waspik
'Maak van uw scheet een donderslag' van de Breedbekkikkers. Dus ook rock’n roll junkies kunnen carnavalsmuziek maken.
