Met het laatste deel van het drieluik over carnavalskrakers van weleer staat carnaval nu echt toch echt voor de deur. Volgende week is er wellicht nog ruimte voor een extraatje, om maar in de lijn te blijven van de elpees ‘Daverende 13 + 1’. Maar eerst deze week nog even terug in de tijd, naar een paar ‘schuldige pleziertjes’ uit de tijd dat carnavalsnummers nog ‘gewoon’ de TOP40 haalden.

In een ver verleden wijdde ik al eerder wat woorden aan hem: Frank Kneepkens. Wat deze Limburgse DJ met carnavalsmuziek te maken heeft? Nou, hij was het gezicht van en de stem achter Franky Boy, een puur voorbeeld uit de smartlappenstal van ‘koppelbaas’ Johnny Hoes uit Weert. Grappig verhaal. In de periode dat hij bij de platenmaatschappij Telstar van Hoes werkte, bood hij zichzelf voor de gein aan als zanger voor een lied waar enkel een orkestband van was. Van dit nummer ‘Een ezel stoot zich geen tweemaal’ werden maar liefst vijftien singletjes verkocht (van de duizend): briljant! Maar meneer Hoes vond het toch goed genoeg om hem meer nummers op te laten nemen. Gelukkig maar, want Franky Boy past qua niveau precies bij onze vriendengroep De Kleffe Ridders: best wel slecht.

Een van de beste carnavalskrakers ooit, als je het mij vraagt: Oh, Mia Bella, Bella Margarita van Franky Boy.

Een van de beste carnavalskrakers ooit, als je het mij vraagt: Oh, Mia Bella, Bella Margarita van Franky Boy.

'Iek ben een Italiano. Ik speel op mijn piano. Ik werk in die fabrieke en ik meld me altijd ziek. Oh, mia bella, bella Margarita. Jij en ikke, wij wonen vis-à-via. 'K zinge hier zo'ne leuke melodie en m'n hartje slaat op holle als ikke jou maar zie.' (Oh, Mia Bella, Bella Margarita - Franky Boy)

Flauwekul

Hij heeft trouwens veel parels op zijn naam staan. Wat te denken van ‘Hey babariba’ met de veelzeggende tekst 'Hey babariba, hey babariba, hey babariba, Hey babara. Hey babariba, hey babariba, hey babariba, Hey babara. Iaiaiaooh, Iaiaiaooh, Iaiaiaooh, Iaiaiaooh, Iaiaiaooh, Iaiaiaooh.' Het nummer vat precies samen waar het met carnaval om draait: veel flauwekul! Maar ook nummers als ‘Gel d’r over’, ‘Pronto Francesco’, ‘Wie hoort er nou bij wie’, ‘De opera’ en natuurlijk ‘Een ezel die stoot zich geen twee maal’ behoren mijns inziens tot flauwe-cultureel erfgoed. Met dat laatste nummer lijkt Franky qua zang overigens wel erg veel op de André van Duin uit die tijd…

'Verliefd zijn is 't mooiste, ja, 't mooiste wat er is, ook al gaat het af en toe wel een heel klein beetje mis. En laat een meid je zitten, laat haar dan rustig gaan: er zijn wel duizend and'ren die jou niet laten staan. 'n Ezel die stoot zich geen twee maal, geen twee maal aan dezelfde steen. Nee, een ezel die is wel wat slimmer en loopt er met een boog omheen.' (Een ezel die stoot zich geen twee maal - Franky Boy)

Barry Hughes had meer succes als zanger van carnavalsliedjes dan als voetballer en voetbaltrainer.

Barry Hughes had meer succes als zanger van carnavalsliedjes dan als voetballer en voetbaltrainer.

Een ander ‘schuldig pleziertje’ is Welshman Barry Hughes: voetballer, voetbaltrainer en natuurlijk zanger. Zijn serieuzere werk is niet om aan te horen, maar wat Barry met name in de jaren tachtig als carnavalshits uitbracht, is meer dan briljant. Eigenlijk past het ook helemaal in de traditie van carnaval: een matige voetbaltrainer die met een slecht Engels accent zichzelf op de hak neemt. Want ga maar na: ‘Ik wil op m’n kop een kamerbreed tapijt’ getuigt van een gezonde dosis zelfspot, want Hughes was op zijn bolletje niet echt dik bezaaid. Het leverde hem zelfs nog een rol in de reclamespot van Pokon op (‘Daar neem ik mijn petje voor af. Jammer Barry…’)

'Toen ik nog een baby was, een schatje bovendien, zeiden alle mensen: "Moet je dat nou zien. Hij is om op te vreten, maar 't is wel een beetje raar.” Nou ik niet zo klein meer ben heb ik nog niet veel haar. Kom op nou pak 'm beet en slaak met mij die kreet. 'k Wil op m'n kop een kamerbreed tapijt, een kamerbreed tapijt, een kamerbreed tapijt. ’k Wil op m'n kop een kamerbreed tapijt, een kamerbreed tapijt.' (Ik wil op m’n kop een kamerbreed tapijt - Barry Hughes)

En ook voor Barry geldt: hij liet vaker van zich horen. Wederom met zelfspot in ‘Het is om te brullen’, maar ook in prachtige samenzang met Vader Abraham op ‘Ik breng geen bloemen oor je mee’. Naast ‘Het Kikkerlied’ is mijn absolute favoriet van Barry trouwens ‘You keep it not for possiebol’, later ook nog uitgevoerd door Franky Boy.

'Ik heb mijn hart aan Nederland verloren, ben ik ook in de U.S.A. geboren. Ik was eens met een carnival toevallig even hier. M'n ogen vielen uit, maar ik had zo much plezier. Ik wou een meisje kussen op haar wang, ze zei: "Yes, go your gang”. You keep it not for possiebol, maar ik heb zeven dagen lol, want reeds vantevoren begint voor mij het feest dan kom ik met een jet uit de United States. You keep it not for possiebol, maar ik heb zeven dagen lol, want reeds vantevoren begint voor mij het feest dan kom ik met een jet uit de United States.' (You keep it not for possiebol - Barry Hughes)

Vrouwkes

Ook deze week wil ik de jeugdige carnavalsvierders niet voorbij hossen met mijn oude krakers. Want jawel, zo af en toe wordt er wat uitgebracht wat niet persé mijn stijl is, maar wat stiekem wel erg vet is. En daar komt ‘good old’ Rob Kemps om de hoek met zijn Snollebollekes. Nee, ‘Links rechts’ is niet helemaal mijn ding: te massaal en meer iets voor de echte jeugd. Maar het debuutnummer ‘Vrouwkes’ daarentegen is briljant. Helemaal de beat van nu, maar wel de flauwekul die bij carnaval hoort. Kemps is met zijn Snollebollekes trouwens sowieso wel scherp met teksten, zoals bijvoorbeeld het ultieme kerstnummer ‘Beuk de ballen uit die boom’. Maar voor nu wil ik deze week afsluiten met de moderne hoempa deun van ‘Vrouwkes’

'Ene keer per jaar gaan alle remmen los, ons vrouw, die zit thuis op de bank terwijl ik lekker hos. Ekkes geen gemekker en de vrouwkes lekker los, daar mag ik ger naar kijken, geef m'n ogen goed de kost. Ik zie ze links, ik zie ze rechts, de ene heeft een bochel en de ander, die loopt recht. Ik zie ze links, ik zie ze rechts, ik krijg er geen genoeg van, ik ben knotsknettergek van vrouwkes Vrouwkes! Stop, en door! Vrouwkes! Stop, tweede couplet!' (Vrouwkes - Snollebollekes)

Ik weet niet hoe het met jullie zit, maar ik begin al aardig spierpijn te krijgen van het hossen. Volgende week sluiten we de officieuze aanloop naar carnaval af met een Daverende 13 + 1 variant van carnavalskrakers van weleer. Alaaf!

Marcel Donks, muziekliefhebber uit Waspik