Een eerste stap zetten op de woningmarkt? Good luck! Het woningaanbod groeide het afgelopen jaar weliswaar met 14 procent, maar voor huizenkopers met een modaal inkomen blijft een betaalbare woning vinden vooral een kwestie van volhouden. Vooral de alleenstaande Jan Modaal is de klos: het deel van de markt dat binnen zijn financiële bereik ligt, is vrijwel verdwenen.
Uit het jaarlijkse onderzoek van De Hypotheker, dat per regio bekijkt hoeveel woningen bereikbaar zijn voor alleenstaanden en tweeverdieners met een modaal inkomen, blijkt dat hun kansen opnieuw zijn verslechterd.
Voor alleenstaanden is gemiddeld slechts 1,2 procent van het totale woningaanbod financieel haalbaar, tegenover 2,1 procent een jaar eerder. Tweeverdieners zien hun bereikbare aanbod dalen van 35,9 procent naar 32,2 procent. Dat is opvallend, want er staan juist meer woningen te koop dan vorig jaar.
“De resultaten laten een pijnlijke paradox zien”, zegt Leon Vermeer, franchisenemer van De Hypotheker in Best. “Er staan aanzienlijk meer woningen te koop, maar voor modale inkomens wordt het steeds moeilijker om een woning te kopen. Vooral alleenstaanden met een modaal inkomen dreigen buiten de boot te vallen. Ook tweeverdieners leveren voor het eerst in twee jaar terrein in, doordat het extra woningaanbod de hoge huizenprijzen en gestegen hypotheekrente niet kan compenseren.”
Ondanks het grotere aanbod en stijgende salarissen lopen middeninkomens achter de feiten aan. De gemiddelde verkoopprijs van een bestaande woning bedroeg in juni 496.235 euro, zo’n 4 procent meer dan een jaar eerder. Die stijging gaat harder dan de groei van het modale inkomen, dat door het CPB voor 2026 is geraamd op 48.000 euro bruto (+3 procent). Een alleenstaande kan daarmee maximaal 213.542 euro lenen: 1.541 euro minder dan vorig jaar. Voor tweeverdieners met een gezamenlijk inkomen van 88.000 euro ligt de maximale hypotheek op 406.133 euro, iets hoger dan de 400.608 euro in 2025. De hypotheekrente steeg bovendien met bijna 0,4 procentpunt, wat de leencapaciteit verder drukt.
Het grotere woningaanbod, gestegen van 75.000 naar 87.000 woningen, mede door de verkoop van voormalige huurwoningen na invoering van de Wet Betaalbare Huur — biedt dus onvoldoende verlichting. De huizenprijzen stijgen nog altijd sneller dan modale inkomens kunnen bijbenen, waardoor de mogelijkheden om een woning te kopen per saldo verder verslechteren.
Volgens Vermeer ligt de oplossing niet alleen in méér bouwen, maar vooral in het bouwen van woningen die financieel haalbaar zijn voor middeninkomens. “Zolang de vraag naar huizen het aanbod ruimschoots overtreft, blijft de opwaartse druk op de huizenprijzen onverminderd groot.”
